Column

Verduurzamen van de energievoorziening is meer dan 6.000 MW wind op zee
 

De informatie over verduurzaming van onze energievoorziening, zoals die via de media en de politiek naar het grote publiek gaat, is beschamend. Eerst wordt de indruk gewekt dat het Energieakkoord grotendeels is gebaseerd op 6.000 MW wind op zee. Vervolgens is de boodschap dat wind op zee erg duur is maar dat er nauwelijks alternatieven zijn om de doelstellingen te realiseren. En als een donderslag bij heldere hemel stuurt in het afgelopen weekend ons hooggeachte CPB de boodschap de wereld in dat realisatie van 6.000 MW wind op zee heel negatief uitvalt en maatschappelijk een verlies van EUR 5 mrd geeft. Dit wordt echter direct weer door minister Kamp ontkend. Hoe denken we ooit echt maatschappelijk draagvlak voor verduurzaming te creëren? Wat zijn de feiten?

Laten we beginnen met de Nederlandse energiebalans. Onze totale energievraag is verdeeld conform tabel 1. Wat is de stand van zaken betreffende verduurzaming van de diverse onderdelen uit tabel 1?

1 Vliegtuigen en scheepvaart
Dit is de grootste post die bijna altijd buiten de discussies blijft met als argument dat dit alleen internationaal te regelen is. In deze sector vindt nauwelijks verduurzaming plaats. Wel worden de motoren geleidelijk aan zuiniger maar dit voordeel wordt weer teniet gedaan door het alsmaar groeiende vervoer. Zolang we dankzij de lage kerosine prijs supergoedkope vliegtickets als prioriteit hebben en we vele producten onnodig over de gehele aardbol blijven slepen zal dit ook niet verbeteren.

2 Warm water
Deze grote post lijkt de beste mogelijkheden voor verduurzaming te hebben. Als het lukt om warmte op te slaan om de seizoenen te overbruggen dan krijgen we ongekende mogelijkheden. Compacte opslag middels zoutkristallen en/of ondergrondse opslag lijken in een stroomversnelling te komen. Als we dit combineren met de grote mogelijkheden van vraagbeperking in combinatie met efficiënte ventilatie, inpassing van opslag en warmtewinning in de bouw en combinaties met warmteuitwisseling, geothermie, duurzame restwarmte en specifieke warmtepompen dan wordt voor dit deel zonnewarmte de duurzame warmtebron van de toekomst. Een bijkomend voordeel is dat de zonnewarmte zowel in individuele als collectieve systemen kan worden toegepast. Wel vraagt het een omslag naar lange-termijndenken. Als we het echt willen dan is 100% verduurzaming binnen 20 jaar mogelijk.

3 Grondstoffen
Het lijkt steeds waarschijnlijker dat het gebruik van fossiele brandstoffen als grondstof voor de industrie voor een zeer groot deel vervangen kan worden door het gebruik van biomassa. Nederland begint hier volop aan mee te doen. Hopelijk leidt dit tot een gigantische verduurzamingsslag. De consequentie hiervan is dan waarschijnlijk dat de beschikbaarheid van biomassa voor energiedoeleinden zich grotendeels zal beperken tot verder onbruikbare reststromen.

4 Conversieverlies elektriciteit
Deze post lijkt helaas weer steeds groter te worden. Voor de liberalisatie van de energiemarkt behoorde Nederland tot de top van de wereld wat het toepassen van WKK betreft. De afgelopen tien jaar wordt bestaande WKK weer steeds vaker vervangen door traditionele ketels en bijna alle nieuwbouw voor elektriciteitsproductie is zonder WKK. De redenen hiervoor zijn vooral de slechte marktpositie van gasgestookte centrales, de dominante positie van elektriciteit in de energiemarkt, het niet waarderen van milieuprestaties, het grote belang van zeer flexibele elektriciteitsproductie, het ontbreken van een centraal gestuurde economische/milieu-optimalisatie en het niet gefinancierd krijgen van nieuwe WKK in verband met de situatie op de energiemarkt. De situatie lijkt alleen te verbeteren met een totaal ander marktmodel waarin ook de belangen over de gehele keten worden meegenomen. Het uiteindelijk doel is volledige verduurzaming. Cogen heeft een rapport waarin wordt aangetoond dat de milieuverliezen ten gevolge van het niet functioneren van de WKK-markt groter zijn dan de milieuwinsten ten gevolge van het energieakkoord. Wie kan/wil dit toetsen?

5 Transport
In alle transportsectoren wordt gewerkt aan nog zuiniger motoren en ook de wettelijke eisen worden steeds verder aangescherpt. Er is een richtingenstrijd gaande tussen traditioneel maar steeds zuiniger, biobrandstof, elektriciteit of waterstof. Voor biobrandstof, elektriciteit en waterstof wordt het doorslaggevend of er voldoende duurzame biomassa/elektriciteit/waterstof beschikbaar komt. De mogelijkheden lijken groot als de beste opties de juiste stimulans krijgen. Anderzijds wordt de winst weer (deels) teniet gedaan als het transport maar blijft groeien en we traditioneel over transport blijven denken.

6 Elektriciteit
Deze post is veel kleiner dan we via de grote aandacht van politiek en media zouden verwachten. De 6.000 MW wind op zee blijkt minder dan 2% van de totale energievraag te dekken. Elektriciteit is qua toepassingsgemak en mogelijkheden een fantastisch product maar om het altijd op de juiste plaats en tijd beschikbaar te hebben tegen een redelijke prijs blijkt moeilijk te zijn. Echte duurzame opties beperken zich tot wind, zon, import Noorse waterkracht en zeer beperkt water en biomassa, ieder met zijn eigen specifieke mogelijkheden. Verduurzaming wordt alleen haalbaar met maximaal energie besparen, vraagsturing en opslag. De mogelijkheden hiertoe lijken beperkter en duurder dan voor warmte. Warmte vervangen door elektriciteit in een all electric maatschappij is voorlopig zeer discutabel. Het omgekeerde, bijvoorbeeld voor vaatwassers, wasmachines en drogers is actueel logischer. Een ander punt is dat zeker de industrie voorlopig de echte kosten van duurzame elektriciteit niet kan/wil betalen.

7 Processtoom industrie
Echte verduurzaming is in deze sector voorlopig moeilijk. De enige beschikbare duurzame bron is momenteel biomassa. Gebruik van duurzame elektriciteit voor het maken van stoom is technisch mogelijk maar biedt op korte termijn exclusief het wegwerken van kortstondige overtollige elektriciteit nauwelijks perspectief. Dan blijven alleen WKK (zie punt 4) en echte besparing over. Hoeveel perspectief geeft dit bij de huidige energieprijzen, de lage energiebelasting en de veelal vereiste korte terugverdientijden?

Wat is ons perspectief?

Willen we echt onafhankelijk worden van de Poetins van deze aarde, de kwetsbaarheid van grootschalige internationale infrastructuur en nemen we het klimaatverhaal serieus dan is er een integraal pakket van maatregelen nodig op alle deelgebieden ten aanzien van energiebesparing, vraagsturing, opslag van energie (warmte, elektriciteit en koude) en verduurzaming. Dit vraagt wel een deskundig orgaan met bevoegdheden die de deelbelangen overstijgen. Belangrijke aandachtspunten hierbij zijn: 1) Neem transparant alle echte kosten, prestaties en risico's over de gehele energieketen mee; 2) Wees niet bang voor de invoering van verplichtingen; 3) Vergelijk alternatieven op basis van echte kosten, prestaties en risico's over de gehele keten en ontkoppel het van de energiebelasting; en 4) Creëer maatschappelijk draagvlak via transparante communicatie en verdeling van lasten/lusten. Polderen is daarvoor te vrijblijvend.

Ter illustratie van de omvang van het probleem nog onderstaand overzicht van zeven alternatieven voor een totale invulling van onze actuele energievraag. Dit overzicht is discutabel, technisch niet haalbaar en niet volledig onderbouwd maar geeft wel een gevoel voor verhoudingen. En dan te bedenken dat de Nederlandse energievraag maar een fractie van de totale wereldvraag is.

  • 150 mln ton steenkool = 8,8 ton p.p.
  • 100 mln ton olie = 5,9 ton p.p.
  • 130 mrd m3 aardgas = 7.650 m3 p.p.
  • 325 kerncentrales conform Borssele
  • 70.000 5MW windmolens op zee
  • 9.000 km2 zonpanelen = 520 m2 p.p.
  • 200.000 km2 biomassa = 11.750 m2 p.p.
    (Voor voedsel nodig ca. 250 m2 per vegetariër/jr.)

© 2017 Energeia. Alle rechten voorbehouden.