U heeft gezocht op: Alex Kaat

33 resultaten

Datum Relevantie

Elektrificatie vraagt om een volledig vergroende elektriciteitsmix

Elektrificatie van de industrie, gebouwde omgeving en mobiliteit is synoniem geworden voor verduurzaming. De komende jaren wordt de elektriciteitsmix inderdaad in razend tempo vergroend met vooral productie uit zon en wind. Maar een fors deel van de vraag wordt het komende decennium nog altijd ingevuld met kolen- en gascentrales. Zolang dat de situatie is, is elektrificatie van bijvoorbeeld de industrie voor het klimaat weinig zinvol. Extra vraag leidt immers niet tot extra wind of zon maar tot extra draaiuren voor deze centrales.

Politieke keuze voor lage belastingen en nettarieven trekt datacenters naar Nederland

Groot was enkele weken geleden de commotie over de komst van datacenters nabij Zeewolde met een elektriciteitsvraag gelijk aan de stad Amsterdam. Deze en andere datacenters zouden naar Nederland komen vanwege de door burgers betaalde subsidies voor duurzame energie. De Tweede Kamer nam op 2 juli een motie aan om haar zorgen te uiten over “het beslag [dat] wordt gelegd op de ruimte, beschikbare duurzame energie en netwerkcapaciteit” en te pleiten voor “het beter beheersen en reguleren van de impact van datacenters”.

Stel duurzaamheidseisen voor CCS-subsidies

Op 17 februari jongstleden presenteerde de minister voor EZK de nieuwe subsidieregeling SDE++. Vanaf eind september komt niet alleen hernieuwbare energie opwek in aanmerking voor subsidie, maar ook de afvang van CO2 bij het gebruik van fossiele energie. Alle technieken dingen in competitie mee voor de subsidie, op basis van kosten per ton vermeden CO2-emissie. Of de straks gesubsidieerde CO2-afvang werkelijk bijdraagt aan de bestrijding van klimaatverandering, is echter de vraag.

Lokale eisen aan hernieuwbare energie bedreigen de transitie

Hernieuwbare energie is uitgegroeid tot een serieuze energiebron, maar dit gaat ook gepaard met weerstand tegen bijvoorbeeld de plaatsing van windmolens en het gebruik van biomassa. Deze scepsis is vooral op provinciaal en gemeentelijk niveau vertaald in beleid. Voorbeelden zijn de afstandseisen die gemeenten en provincies stellen voor zon en wind op land en verwachtingen over omgevingsfondsen en participatie. Deze eisen en verwachtingen gelden enkel voor hernieuwbare energie en gaan verder dan het generieke beleid voor bijvoorbeeld geluid, landschap of planschade. De vraag is of ze te combineren zijn met het wensbeeld van de transitie: een land dat volledig op emissievrije energie draait.

Is er behoefte aan veel meer hernieuwbare elektriciteit?

Met het Klimaatakkoord is er niet alleen een ambitie voor de productie van elektriciteit uit zon en wind vastgesteld, maar de facto ook een plafond. Terwijl de nu razendsnel groeiende duurzame elektriciteitsproductie lijkt te worden begrensd, wordt in het debat over bijvoorbeeld groene waterstof gesteld dat er hiervoor de komende tien jaar juist onvoldoende duurzaam geproduceerde elektriciteit beschikbaar zal zijn. Dreigt er nu door subsidies te veel duurzame elektriciteit te komen of is juist een veel forser aanbod gewenst?

Breng de effectiviteit van de SDE+ niet in gevaar met nevendoelen

De SDE+-subsidieregeling en het kleine broertje ISDE, zijn er om de duurzame energietransitie te bevorderen. De politieke druk om deze regelingen ook te gebruiken om neveneffecten van de energietransitie te adresseren, is hoog. Het gaat hier om bescherming van natuur en landschap, luchtkwaliteit, deelname van burgers en het voorkomen van netcongestie. Het belang van deze zaken staat buiten kijf. Er is geen automatisme om ze ondergeschikt te maken aan klimaatbeleid. Het is echter wel de vraag of en in hoeverre de (I)SDE-regelgeving hiervoor het juiste instrumentarium is.

PBL toont dat de energietransitie nog moet beginnen

Afgelopen vrijdag na de presentatie van de Klimaat en Energie Verkenning door het Planbureau voor de Leefomgeving ging de aandacht vooral naar het net niet halen van de klimaat- en duurzame energiedoelen. Wat de studies echter impliciet ook toonden, is dat in de meeste sectoren fossiele energie blijft domineren, ook na uitvoering van de afspraken uit het Klimaatakkoord. Vooral eenmalig laaghangend fruit wordt nu geplukt: reductie van industriële methaan, fluor en lachgas-emissies en CO2-opslag (CCS). Enkel de elektriciteitssector maakt flinke stappen naar hernieuwbare energie. Voor de andere sectoren moet de energietransitie nog beginnen. Politieke moed is daarvoor vereist.

Klimaatbeleid biedt kansen voor boeren in het nauw

Afgelopen week voerden enkele duizenden boeren actie tegen het stikstof- en klimaatbeleid. De acties toonden de angst bij boeren dat hun bestaan in het geding komt. Er zal de komende jaren waarschijnlijk veel gaan veranderen voor het agrarisch bedrijf. De transitie naar een duurzame, klimaatneutrale samenleving gebaseerd op hernieuwbare energie, biedt echter juist ook kansen voor agrariërs. Daarvoor dient het beleid wel passend gemaakt te worden voor deze sector.

Verbreding SDE+ leidt maar beperkt tot verduurzaming energievoorziening

Deze zomer presenteerde het Planbureau voor de Leefomgeving ter consultatie een reeks rapporten met de plannen voor de verbrede subsidieregeling SDE. De subsidie is er na dit jaar niet enkel voor duurzame productie uit bijvoorbeeld zon en wind, maar is ‘verbreed’ naar ook het afvangen van CO2 (CCS) en naar de toepassing van duurzame energie; bijvoorbeeld in industriële warmteboilers. De goedkoopste optie komt vooraan in de rij voor subsidie. Of de aanpassing van de SDE wel de beoogde verduurzaming van de energievoorziening zal veroorzaken is de vraag.

Goede kilometerheffing ontziet elektrisch vervoer

De kilometerheffing die het kabinet in lijn met het klimaatakkoord laat onderzoeken, is de noodzakelijke stap om ook de mobiliteitssector tot emissiereductie te bewegen. De aanname in datzelfde akkoord dat de variabele belastingen nu enkel door accijns op fossiele brandstoffen opgebracht zouden worden is echter incorrect en zet de discussie bij het begin al op het verkeerde been. Een kilometerheffing die de weggebruiker laat betalen naar rato van zijn maatschappelijk kosten zal toch echt de diesel- en benzinerijder treffen. Als de politiek dat tenminste aandurft.