Column

Eerlijk zullen we alles delen

Vier vrienden gaan al jaren samen op vakantie. Ze carpoolen samen naar Schiphol en delen de brandstof- en parkeerkosten. Eén van de vrienden besluit dat hij uit milieuoverwegingen binnen Nederland alleen nog met het openbaar vervoer wil reizen. De drie anderen blijven de auto gebruiken; zij vinden het milieu ook belangrijk, maar wonen op plekken die met het OV minder goed bereikbaar zijn. Voortaan betalen zij de kosten die ze altijd met z’n vieren deelden dus nog maar met z’n drieën. Bovendien klopt de vierde vriend bij hen aan voor een financiële bijdrage voor de eenmalige aanschaf van zijn OV-jaarkaart. Want hij heeft weliswaar geen autokosten meer, maar zo’n OV-kaart is duur en zijn vrienden vinden het toch ook goed dat hij het milieu wil sparen?

Ik kan me zo voorstellen dat de drie vrienden zich even achter de oren krabben bij de vraag van de vierde. Hij heeft immers zelf besloten om met het OV te reizen, waardoor zij sowieso al hogere kosten hebben. Moeten zij dan ook nog aan zijn keuze meebetalen omdat die beter is voor het milieu? Kortom, de omstandigheden binnen de groep zijn veranderd en de vraag is wat in die nieuwe situatie eerlijk is.

Een vergelijkbaar dilemma doet zich voor bij de energietransitie. Onlangs stelde D66 Kamervragen over de kosten voor het verwijderen van een gasaansluiting. Of dat niet goedkoper kon, want het is in het belang van de energietransitie toch alleen maar goed als mensen van het aardgas af willen? Wie niet verder kijkt dan deze vraag, zal hem al gauw volmondig met ja willen beantwoorden, want lage kosten stimuleren mensen eerder om te stoppen met aardgas. Maar in het belang van de betaalbaarheid van ons hele energiesysteem moeten we juist wél verder kijken.

Netbeheerders brengen voor het verwijderen van een gasaansluiting een gemiddeld kostendekkend tarief in rekening. Degenen die van het gas af willen, betalen daar dus zelf voor; niet meer en niet minder. Als de politiek zou besluiten dat de tarieven voor het verwijderen van een aansluiting omlaag moeten, dan hoort daar de vraag bij wie de rest van de kosten dan betaalt. De mensen die nog wel een aansluiting hebben, dus de mensen die toch al meer gaan betalen omdat de kosten van het gasnet over minder aansluitingen worden verdeeld? Of de overheid en dus indirect alle belastingbetalers – met én zonder gasaansluiting? Of…?

Achter de ogenschijnlijk eenvoudige vraag van D66 gaat een wereld aan andere vragen schuil. Over wie de energietransitie betaalt en welke kosten we socialiseren en welke niet. Over hoe we voorlopers stimuleren. En over hoe we kunnen voorkomen dat de –soms noodgedwongen– achterblijvers met de rekening blijven zitten.

Het antwoord op al deze vragen is niet eenvoudig en moet onderwerp zijn van politieke en maatschappelijke discussie. Die discussie moeten we nu voeren, want de transitie is in volle gang en het kostenvraagstuk zal alleen maar groter en ingewikkelder worden als we het niet op tijd beetpakken. Netbeheerders buigen zich daarom zelf ook al over dit vraagstuk, samen met de partners aan de Overlegtafel Energievoorziening. De energietransitie betekent dat de omstandigheden van ons energiesysteem veranderen. Alle betrokkenen moeten gezamenlijk op zoek naar welke kostenverdeling in die nieuwe situatie eerlijk is.

© 2017 Energeia. Alle rechten voorbehouden.