Direct naar inhoud

Klimaatneutraal Nederland in 2050 binnen bereik, mits lastige keuzes worden gemaakt — artikel bevat een betaalmuur

Dit artikel heeft een betaalde toegangsblokkering, wat betekent dat een deel van de inhoud pas kan worden gelezen als u bent ingelogd en een geldig abonnement heeft.

Geplaatst in genre: Geplaatst in sectie:
Geschreven door:
Gepubliceerd op: 12 april 2023

Het Nederlandse energiesysteem moet in 2040 of zo snel mogelijk daarna maar in elk geval voor 2045 CO₂-neutraal zijn. Dat stelt het Expertteam energiesysteem 2050 in een advies dat woensdag is aangeboden aan minister Rob Jetten. Om dit te halen moet de energietransitie versnellen, en lastige keuzes kunnen niet langer vermeden worden.

Overhandiging van het adviesrapport Energiesysteem 2050 door de voorzitter van het expertteam Bernard ter Haar aan minister Rob Jetten. (Foto: Olivier Middendorp)

CO₂-neutraal

Nederland wil in 2050 klimaatneutraal wil zijn, en om dat te bereiken zal het energiesysteem minstens vijf jaar eerder al CO₂-neutraal moeten zijn. En het liefst nog eerder. Want hoe eerder het energiesysteem CO₂-neutraal is, hoe meer tijd overblijft om oplossingen te ontwikkelen voor de onvermijdbare CO₂-uitstoot die er ook na 2050 zal zijn. Dat stelt het Expertteam energiesysteem 2050 in het rapport ‘Energie door perspectief: rechtvaardig, robuust en duurzaam naar 2050′.

Minister Rob Jetten (Klimaat en Energie, D66) had het expertteam onder aanvoering van voormalig topambtenaar Bernard ter Haar om een advies gevraagd als input voor zijn nationale plan energiesysteem 2050 dat halverwege dit jaar moet uitkomen. Ter Haar stelde vorige zomer in een interview met Energeia al de deadline van 2040 in het vooruitzicht voor CO₂-neutraliteit in de energiesector, en zelfs 2035 voor de elektriciteitssector.

Bij het opstellen van het advies zijn de experts uitgegaan van een ideaalbeeld voor 2050 waarin het energiesysteem schoner, stiller, goedkoper, comfortabeler en gezonder is dan nu. Vervolgens zijn drie ontwikkelpaden geschetst (elektrificatie, mogelijkheden voor lokale energieopwek en nieuwe koolstofketens) waarlangs dat ideaalbeeld bereikt kan worden.

Maar die energietransitie slaagt volgens de experts alleen als de overheid andere ontwerpprincipes gaat hanteren. De afgelopen decennia stonden principes als leveringszekerheid en betaalbaarheid centraal. Die zijn nog steeds relevant, maar niet afdoende. Het expertteam doet daarom een voorstel voor een nieuwe set ontwerpprincipes: rechtvaardig, robuust en duurzaam.

“Het energiesysteem moet robuust zijn, ook tijdens de transitie, omdat we allemaal steeds afhankelijker zijn van energie” zegt Bernard ter Haar in een toelichting tijdens de presentatie. “Duurzaam vanwege de planetaire grenzen die we massaal aan het overschrijden zijn. En het moet rechtvaardig zijn tussen landen in de wereld, tussen generaties en hogere en lagere inkomens.”

Het expertteam benadrukt ook dat de energietransitie geen zaak is van de overheid alleen. “Als je niet iedereen betrekt zal je zien dat het draagvlak afbrokkelt”, zegt Ter Haar. Om dit laatste principe kracht bij te zetten had het expertteam een inwonerraad ingesteld van vijftig door loting geselecteerde burgers. De inwonerraad deed uiteindelijk 19 aanbevelingen die op vrijwel alle terreinen overeenkomen met de inzichten van het expertteam.

Inwonerraad

Om het principe van rechtvaardigheid meteen in praktijk te brengen, had het expertteam een inwonerraad ingesteld van vijftig door loting geselecteerde burgers. “Als we zeggen in ons rapport we moeten de burger voorop stellen, dan moeten we dat zelf ook doen”, zegt Aniek Moonen, voorzitter van de jonge klimaatbeweging en op persoonlijke titel lid van het expertteam, in een toelichting. De inwonerraad deed uiteindelijk 19 aanbevelingen die op vrijwel alle terreinen overeenkomen met de inzichten van het expertteam

Het goede nieuws is dat een klimaatneutrale toekomst mogelijk is. Maar dan moet de energietransitie wel flink versnellen, en kan het Rijk lastige keuzes zoals beleid gericht op vermindering van de energievraag, niet langer vermijden, stellen de experts.

Elektriciteit

Te beginnen met het elektriciteitssysteem. Dat moet in 2035 al CO₂-neutraal zijn, conform de eerdere schets van Ter Haar. Want de elektriciteitsvoorziening is volgens het expertteam het motorblok van de energietransitie. Veel sectoren kunnen alleen door elektrificatie CO₂-neutraal worden. En hoewel het aanbod aan duurzame stroom, met name van wind op zee, in rap tempo stijgt, waarschuwt het expertteam toch dat die groei wel eens snel zou kunnen stagneren als niet ook de vraag naar elektriciteit toeneemt. Die moet gelijke tred houden met het aanbod, want het is niet aantrekkelijk voor bedrijven om bijvoorbeeld windparken op zee te ontwikkelen als onzeker is dat er behoefte is aan die grote hoeveelheden groene stroom.

Knelpunt

De uitdaging is dan ook om huizen, voertuigen en industrie voortvarend te elektrificeren maar een uitgewerkt beleidskader om dit te bereiken ontbreekt, constateert het Expertteam. Het is dus niet zeker of de elektrificatie van sectoren snel genoeg gaat om de groei van het aanbod rendabel te houden. Volgens het expertteam is die onzekerheid een groot knelpunt dat de energietransitie vertraagt.

Een belangrijke oplossing ligt in het verschaffen van duidelijkheid. “Voor een blijvend investeringsperspectief voor de gebouwde omgeving, het transport en de landbouw is een meerjarig beeld van normen en beprijzing zoals dat nu al bestaat voor de industrie en elektriciteitssector”, aldus het rapport. Dan kun je denken aan het verbieden van voertuigen op fossiele brandstoffen vanaf een bepaald jaar of het aanpassen van de energiebelasting voor de industrie. Deze stok moet wel gepaard gaan met een wortel in de vorm van een SDE++-subsidie om flexibele elektrificatie financieel haalbaar te maken.

Massieve financiële overheidsimpuls

Een ander knelpunt is de infrastructuur die hiervoor nodig is, want het aanjagen van de productie en afname van groene energie heeft weinig zin als producent en verbruiker elkaar niet kunnen bereiken.

Infrastructuur is van zulk cruciaal belang voor het tempo van de transitie dat het de komende vijftien jaar een “massieve publieke financiële overheidsimpuls” rechtvaardigt, aldus het expertteam. Daarbij geldt dat de infrastructuur beter planmatig kan worden aangepakt en er beter teveel capaciteit gebouwd moet worden dan te weinig. De aanwezigheid van energie-infrastructuur kan bovendien bedrijvigheid aantrekken.

Andere keuzes

Door uit te gaan van een ideaalbeeld in 2050 en vandaar terug te redeneren wordt duidelijke welke keuzes vandaag de dag gemaakt moeten worden. “Als je de komende jaren een nieuwe woonwijk neerzet dan staat die er ook nog in 2050. Dat betekent dat hij moet voldoen aan de wensen en eisen van 2050”, zegt Ter Haar. Zo is het de vraag of het zinvol is om nu te investeren in hogetemperatuurwarmtenetten op basis van rest- of aftapwarmte als duidelijk is dat de warmtebron (kolen- of gascentrale of afvalverbrandingsinstallaties) niet toekomstbestendig zijn.

Daarentegen zijn lagetemperatuurwarmtenetten juist erg geschikt. “In 2050 zal het door klimaatverandering veel warmer zijn en is de behoefte aan koeling veel groter. Lagetemperatuurverwarming is daar heel geschikt voor” aldus Ter Haar.

Investeringen die niet passen in die klimaatneutrale toekomst, of die niet kunnen worden aangepast om daar op tijd compatibel mee te zijn, moeten volgens de experts zo snel mogelijk stoppen omdat ze anders een rem vormen op de transitie. “Een grote industriële installatie zet je neer voor een aantal decennia. Daarom is het belangrijk om vanaf morgen na te denken wat je nog nodig hebt in de economie van 2050” zegt Ter Haar.

Hetzelfde geldt voor investeringen in technologieën die op de korte termijn wel tot CO₂-reductie leiden, maar emissies niet volledig elimineren, zoals hybride warmtepompen. Als niet nu al wordt nagedacht over manieren om dit soort investeringen CO₂-neutraal te maken, kunnen ook deze de transitie later “afremmen”.

Koolstofketens

In de economie van 2050 past volgens de experts een industrie die niet of nauwelijks fossiele brandstoffen gebruikt. Tegelijkertijd blijft koolstof belangrijk voor veel producten en zal dus uit andere bronnen moeten komen. Circulariteit is daarom het codewoord, evenals gedragsverandering: minder verbruiken en meer hergebruiken is het devies. Dit vergt volgens de experts gericht beleid op vraagreductie, een normering om circulariteit te stimuleren en productontwerp voor circulariteit te bevorderen. “Zonder sterke en sturende inzet op circulariteit, is de transitie naar een klimaatneutrale koolstof-intensieve industrie in Nederland moeilijk te realiseren”, aldus de experts.

Ook is het volgens het expertteam onvermijdelijk dat de industrie er in 2050 anders uit zal zien. “Vanwege de energievraag van de huidige industrie, de consequenties voor duurzaamheid en de schaarse ruimte, is vanuit de ontwerpprincipes moeilijk voor te stellen dat de huidige omvang van de industrie in Nederland in stand blijft.”