Direct naar inhoud

Nederland voert verbeten achterhoedegevecht tegen tweerichtingcontract — artikel bevat een betaalmuur

Dit artikel heeft een betaalde toegangsblokkering, wat betekent dat een deel van de inhoud pas kan worden gelezen als u bent ingelogd en een geldig abonnement heeft.

Geplaatst in genre: Geplaatst in sectie:
Geschreven door:
Gepubliceerd op: 15 juni 2023

Het gaat Nederland waarschijnlijk niet lukken om de verplichting hernieuwbare opwek te subsidiëren via contracts for difference van tafel te krijgen, zei minister Rob Jetten (Klimaat en Energie, D66) in gesprek met de Tweede Kamer. “Het eerlijke verhaal is dat een heel grote meerderheid van lidstaten voor tweerichtingcontracten is.”

“IJzerenheinig” noemde Jetten zijn verzet tegen de keus voor contracts for difference (CFD) of tweerichtingcontracten als steunmaatregel voor hernieuwbare opwek in het voorstel van de Europese Commissie om de elektriciteitsmarkt te hervormen. Maar dat mag waarschijnlijk niet baten, erkende hij in dezelfde adem. En dus werkt hij ook met een “wensenlijst” die de komst van CFD’s voor Nederland wel acceptabel moet maken. Een belangrijk punt daarin is een lange implementatieperiode, zodat Nederland de tijd heeft om het bestaande SDE-systeem om te bouwen naar steun via tweerichtingcontracten. Maandag vergaderen de energieministers over het onderwerp in de Energieraad.

Deze week heeft energiebedrijf Vattenfall de laatste turbine geplaatst op het offshore windpark Hollandse Kust (zuid). De tender voor dit windpark was de eerste zonder subsidie. De laatste twee aanbestedingen, voor Hollandse Kust (west) VI en VII, leverden de schatkist zelf €127 mln op. (Foto: Vattenfall)

Toekomst SDE

Een tweerichtingcontract is in de basis een contract waarin overheid en producent zowel een minimumprijs als een maximumprijs voor elektriciteit afspreken. Zakt de marktprijs onder het minimum, dan ontvangt de producent subsidie. Stijgt de marktprijs boven het maximum, dan draagt de producent de meeropbrengst af aan de overheid. Marktpartijen, met name in de windindustrie, hebben al eerder laten weten voorstander van dit type contract te zijn.

De brancheverenigingen Energie-Nederland en NVDE zijn overigens geen voorstander van een verplichting om voortaan enkel dit instrument in te zetten als steunmaatregel. Dat is ook tegen het zere been van de partijen VVD en CDA, en van minister Jetten zelf. De minister ziet twee grote bezwaren. Ten eerste heeft Nederland een goed werkend systeem, de regeling Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++, met voorgangers SDE en SDE+), stelt de minister, dat er inmiddels voor heeft gezorgd dat windparken op zee al subsidieloos worden neergezet. Dat bestaande, werkende systeem zou bij de overgang naar een tweerichtingcontract moeten worden vervangen door een heel nieuw systeem, waarin producenten bovendien wel weer aanspraak zouden kunnen maken op steun. Jetten: “Het zou raar zijn als we weer terug naar subsidie gaan.”

Energie delen en systeemkosten

De Europese Commissie wil dat consumenten en bedrijven makkelijker onderling energie kunnen delen. CDA-Kamerlid Henri Bontenbal maakt zich zorgen waar de systeemkosten neerkomen. Hij vreesde voor een vergelijkbare situatie als bij de salderingsregeling, waarbij de mensen met de middelen profiteren, terwijl systeemkosten zoals netbeheerderskosten, balanceringskosten en meerkosten voor energieleveranciers neerslaan bij degenen die niet de middelen of mentale ruimte hebben om mee te doen. “Daar moeten we een goed debat over voeren.” Minister Jetten erkende dat het niet de bedoeling is dat de happy few profiteren, terwijl de kosten worden afgewenteld op andere groepen. Het wetsvoorstel Energiewet, dat afgelopen maandag naar de Tweede Kamer werd gestuurd, bevat bepalingen over energie delen. Het debat daarover staat voor het najaar op de agenda.

Vertraging energietransitie

Het tweede bezwaar is dat tweerichtingcontracten, zeker waneer de bulk van de Europese elektriciteitsopwekking met zulke contracten van doen heeft, invloed gaat uitoefenen op de marktprijs zelf. Marktprijzen zijn nodig om ontwikkelingen in de energiesector kunnen aan te jagen; zo kunnen lage of negatieve prijzen opslag aantrekkelijker maken, om die stroom op een moment met hogere prijzen weer te verkopen.

Ook flexibiliteit, het afstemmen van het verbruik op de productie, moet ontsloten worden op basis van de stroomprijs. “Die prijsprikkel moet erin blijven”, stelde Jetten. Hij deelde de vrees van VVD-Kamerlid Silvio Erkens, dat verkeerd gekozen minimum- en maximumprijzen ook de energietransitie juist kunnen vertragen, omdat het dan voor producenten minder aantrekkelijk wordt om daadwerkelijk opwek te bouwen.

Ondanks zijn ijzerenheinige vasthoudendheid aan het Nederlandse standpunt, ziet het er naar uit dat de verplichting er gaat komen, aldus Jetten. “Ik denk dat het Europese pakket beweegt naar, onder allerlei voorwaarden, wel een verplichting voor contracts for difference.” Hij blijft zich echter in zetten voor een vrijwillige toepassing van de tweerichtingcontracten, en, lukt dat niet, voor opties die zo dicht mogelijk bij de bestaande praktijk blijven. Wat dat betreft noemde hij één lichtpuntje: “We mogen als lidstaten in dit voorstel wel zelf bepalen wat we wel en niet subsidiëren.”