Direct naar inhoud

Warmteplannen gemeenten zijn vooral nog plannen — artikel bevat een betaalmuur

Dit artikel heeft een betaalde toegangsblokkering, wat betekent dat een deel van de inhoud pas kan worden gelezen als u bent ingelogd en een geldig abonnement heeft.

Geplaatst in genre: Geplaatst in sectie:
Geschreven door:
Gepubliceerd op: 12 juni 2023

Slechts een zeer beperkt deel van de gemeentelijke warmteplannen is klaar voor uitvoering. Het merendeel bevindt zich nog in de verkennende en onderzoekende fase. Ook is de bijdrage aan het nationale emissiereductiedoel beperkt. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in een analyse van de 338 Transitievisies Warmte die gemeenten in 2021 hebben opgesteld.

In het Klimaatakkoord (2019) kregen gemeenten de rol van regisseur van de lokale warmtetransitie toebedeeld. Daartoe moesten zij voor het einde van 2021 een transitievisie warmte opstellen. Daarin moest op wijkniveau beschreven staan wanneer woningen van het aardgas af gaan, en voor de wijken die tot 2030 van het aardgas afgaan moest ook bekend zijn op welk alternatief wordt overgeschakeld.

De Rotterdamse wijk Bospolder-Tussendijken is een van de wijken die de gemeente voor 2025 (deels) aardgasvrij wil maken. (Foto: Hans van Rhoon/ANP)

De meeste gemeenten hadden eind 2021 hun plannen gereed. Om inzicht te krijgen in de inhoud van de plannen heeft PBL een analyse gemaakt van 338 transitievisies van de 352 gemeenten en een overzicht gemaakt van de technische keuzes in de plannen, de randvoorwaarden voor uitvoering en hoe ze mogelijk bijdragen aan de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Hieruit blijkt dat voor bijna driekwart (74%) van de plannen in de transitievisies geen kwantitatief doel is opgenomen en dat minder dan de helft van de gemeenten tussendoelen heeft gesteld voor 2030. Ook worden technische keuzes en tijdpaden vaak nog niet benoemd.

“Dat zijn bijvoorbeeld plannen waarin staat: ‘wij streven naar een duurzame wijk’”, zegt PBL-onderzoeker Folckert van der Molen. “Dat zegt ook wat over de status van de plannen. We zien vooral dat gemeenten onderschrijven dat ze op termijn aardgasvrij willen zijn. Maar slechts enkele voorlopers leggen expliciet vast hoeveel gebouwen of welk percentage besparing ze op welk moment gerealiseerd willen hebben.” Slechts 10% van de gemeenten heeft wel al concrete plannen gemaakt.

Van der Molen benadrukt wel dat de analyse gebaseerd is op documenten van een jaar geleden en dat een aantal plannen sindsdien concreter uitgewerkt kan zijn. “Dat hoop je natuurlijk wel, maar daar hebben we geen zicht op.”

Isolatie

PBL heeft de analyse gemaakt om te kijken in hoeverre de gemeentelijke transitievisies warmte bijdragen aan de nationale doelstelling van 1,5 miljoen verduurzaamde woningen en andere gebouwen in 2030 uit het Klimaatakkoord. “In principe, als alles meezit en isolatie ook meetelt, zou je dat kunnen halen”, zegt Van der Molen. Maar dan moeten alle plannen doorgaan en ook de randvoorwaarden en obstakels geen belemmeringen vormen. In dat geval zouden er volgens de geanalyseerde plannen in 2030 een miljoen woningen voorzien kunnen zijn van een duurzame warmte-installatie. Dat is weliswaar 500.000 woningen minder dan het gestelde doel, maar wanneer ook de plannen voor na-isolatie worden meegeteld kan het doel uit het Klimaatakkoord gehaald worden.

Maar of dat lukt is nog de vraag. Uit de PBL-analyse blijkt dat gemeentes met veel obstakels worstelen. Zo noemen veel gemeenten (80%) financiën als grote zorg. “Sommige gemeenten zeggen dat de warmtetransitie betaalbaar moet zijn en anderen geven aan dat er geld vanuit het rijk moet komen”, zegt Van der Molen. Vaak gaat het dan om een bijdrage in de investeringskosten voor verduurzamingsmaatregelen. Ook willen gemeenten steun bij hun eigen uitvoeringslasten. Het afgelopen jaar is wel gewerkt aan regelingen om de gemeenten daarbij te helpen. Zo trekt het rijk via de tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) de komende drie jaar €1 mrd uit voor gemeentes en provincies om nieuwe medewerkers aan te nemen.

Onzeker

Daarnaast is er veel twijfel bij gemeenten over de haalbaarheid en robuustheid van de plannen omdat nog veel onzeker is. Dan gaat het bijvoorbeeld om de vraag of bepaalde warmtebronnen op termijn nog beschikbaar zijn of nog gebruikt mogen worden. “Denk bijvoorbeeld aan de discussie over biomassa”, zegt Van der Molen. “Als er soortgelijke discussies komen over andere warmtebronnen zullen plannen moeten worden herzien.” Hetzelfde geldt voor de inzet van bijvoorbeeld waterstof of groen gas. “Gemeentes blijven daarbij weg omdat onduidelijk is of het gebruikt mag worden en beschikbaar zal zijn.”

PBL heeft de analyse op eigen initiatief gemaakt om meer zicht te krijgen op de inhoud en daarmee de impact van de transitievisies op de totale emissiereductie voor de gebouwde omgeving. Die blijkt beperkt te zijn. In de huidige vorm leveren de transitievisies warmte 2,1 Mton CO₂-reductie op. Daarmee nemen ze 20% van het totale nationale doel voor de gebouwde omgeving voor hun rekening. Of dit nationale doel gehaald wordt met het huidige klimaatbeleid zal later dit jaar in de klimaat- en energieverkenning aan bod komen.